LoginnaamWachtwoord
Blauwe Maandagen
Grunberg, Arnon
Geplaatst op Zaterdag 04 augustus 2001


Genre: (Autobiografische) Roman
Druk: 14e druk 1997
Uitgever: Nijgh & van Ditmar
Plaats van uitgave: Amsterdam
Jaar van de eerste druk: 1994
Jaar van gelezen druk: 1997
Aantal pagina’s: 271 pagina’s

Korte beschrijving boekomslag:
de tekening is genaamd Scherpe Hoek en is gemaakt in 1980. Je ziet een tekening van een hoofd met een stuk borst die met zijn rug naar iemand toe tussen zijn benen ligt. Het hoofd lijkt te zijn opgespleten en er zit een rode vlek op. Erg vrolijk kijkt het hoofd niet. Beetje vage kaft.
Omslagontwerp: Roland Topor

Opdracht: Niet van toepassing
Motto: Niet van toepassing

Samenvatting van de inhoud:
Ik heb nog twintig paarden in Berlijn (blz 7 t/m 14)

De vader van de 'ik' handelde in postzegels, althans dat vertelde hij aan moeder en de 'ik'. Als vader op reis ging mocht de 'ik' vaak mee. De reizen duurden maar kort, een of twee dagen. De vader ontmoette dan mensen in cafe’s waar veel wodkatjes gedronken werden. In de trein aten vader en zoon koosjere worstjes, maar vaak aten ze ook niet-koosjere worst en poffertjes en gebak. Toen de vader dood was werd inderdaad een kluis vol kostbare postzegels gevonden. Ze waren wel een hoop waard, maar het waren er minder dan de 'ik' verwacht had. Vader bleek in Berlijn ook een rijschool voor gehandicapten te bezitten. Er moest elk jaar geld bij omdat er geen hond meer naar die rijschool kwam. Op advies van de notaris werd de rijschool verkocht. Vader werd in Israël begraven omdat zich daar de zus van de 'ik' bevond. Die kon niet naar Amsterdam vliegen omdat zij 9 maanden zwanger was. Na de begrafenis zat de familie een week lang op dozen en at bonensoep. Die werd gekookt door de vrienden van de zus omdat je zelf niet mag koken als je in de rouw bent

Martinimartin (Blz 15 t/m 24)
De 'ik' had zijn haren kortgeknipt en strak achterovergekamd om te lijken op de acteur die in 'Tender is the night' speelde. Met school ging hij op werkweek in Someren. Het was ten tijde van het wereldkampioenschap voetbal in Mexico en de 'ik' voelde zich Maradonna. Op weg naar een klokkenmuseum viel de 'ik' van zijn fiets af. De kniewond moest hij zelf verzorgen. Rosie hielp hem de kiezelsteentjes eruit te trekken, een goor werkje, net als het vervangen van het verband. Er werden weddenschappen afgesloten wie het meest kon drinken van de Martini die in grote hoeveelheden was ingeslagen in de supermarkt. Martin ging door tot ander halve fles en verdiende daarmee de bijnaam 'Martinimartin'. De leraren dronken minstens evenveel, met name meneer Diels. Die dronk de hele dag jonge jenever en vanaf vier uur ook biertjes. De 'ik' neemt geen asperges mee naar huis zoals de anderen. Zijn ouders kunnen wel voor hun eigen asperges zorgen. In Amsterdam was het net zo heet als in Someren, dus ging de groep scholieren naar Zandvoort waar ze voetbalden. Thomas bedacht een weddenschap die erop neerkwam dat wie twee flessen Martini dronk met de verleidelijke Natasia mee mocht. Het lukte Martin en het tweetal verdween de duinen in. De rest speelde voetbal, waarbij de 'ik' het mooiste doelpunt van zijn leven scoorde. Martinimartin en Natasja kwamen niet terug. Na die dag wilde Natasja niets Meer met Thomas en Martinimartin te maken hebben. Later heeft de 'ik' zich afgevraagd waarom Natasja die dag voor de jongens zoveel mooier leek te worden. Als hij nu foto's uit die tijd bekijkt, is ze een gewoon meisje met een wat grof gezicht.


De Oesterbar (Blz 25 t/m 31)

Op een dag bekende Rosie tegenover de 'ik' dat ze 'Yasma' was. Sinds enige tijd ontving de 'ik' namelijk brieven van ene 'Yasma'. De brieven waren in het Engels en aangezien hij daarin slecht was, begreep hij de helft niet. Rosie en de 'ik' besloten in de 'Oesterbar' te gaan eten. Ze aten vorstelijk k, maar hadden geen geld om te betalen. De obers waren eerst vriendelijk, toen argwanend en uiteindelijk belden ze de vader van de 'ik' zijn bed uit om hem de rekening te laten voldoen. Vader arriveerde per taxi en het de 'ik' naar huis lopen. Eenmaal thuisgekomen zaten zijn ouders beiden nog op. Moeder was woedend. Zij gooide de helft van het servies kapot, maar dat was niet ongewoon. Zij schold de 'ik' de huid vol en besloot dat hij maar eens een paar weken naar zijn zus in Israël moest gaan om 'tot rust te komen'. De week voordat de 'ik' zou vertrekken sprak hij elke dag met Rosie af op het terras van Le Berry. Op de dag van de voetbalfinale Argentinië - Duitsland dronken zij bessenijs bij het Centraal Station. 'Toen Argentinië had gewonnen, moest ik haar kussen.' (blz. 32)


DEN HAAG MARIAHOEVE (Blz 32 t/m 39)

De dag voor het vertrek bracht het tweetal door in Den Haag. Ze zaten op terrasjes en praatten over van alles. Ook over de Engelse songteksten die Rosie overschreef en aan de 'ik' opstuurde. In het begin had hij die teksten niet zo goed begrepen. Dat had alles te maken met de lessen Engels die mevrouw De Wilde op het Vossius gymnasium gaf. Mevrouw De Wilde kon absoluut geen orde houden. De 'ik' maakte daar gretig gebruik van, organiseerde sinaasappelgevechten en was tijdens een inhaalproefwerk in de gordijnen gaan hangen, die afscheurden. De rector en de conrectrix spraken de 'ik' ernstig toe en zeiden bezorgd te zijn over zijn toekomst. Nu nog heeft hij een hekel aan mensen die zich zorgen om hem maken. Rosie en de 'ik' kochten elk een kilo snoep. Daarmee gingen ze naar station Mariahoeve. Geld om iets anders dan snoep te eten hadden ze niet meer, dus aten ze snoep. Rosie werd misselijk. Uit balorigheid ging ze daarna allerlei dingen uit haar tas op de rails gooien. Op de terugweg maakten ze even ruzie. Toen dat was bijgelegd, beloofde de 'ik' haar allerlei 'idiote dingen'. In Israël woedde in het huis van de zus een kakkerlakken plaag. De 'ik' bracht een dag op bed door in een plas yoghurt die zou moeten helpen tegen verbranding. 's Avonds ging hij naar een café om de hoek waar je dollars kon wisselen en cassetterecorders kopen.
APOTHEEK (Blz 40 t/m 45)

Na de vakantie ging de 'ik' werken in de apotheek van een man die hij uit de synagoge kende. Hij moest medicijnen rondbrengen. Vaak leverde hem dat fooien op, maar meestal moest daar iets extra's voor worden gedaan. Zo was er de vrouw die wilde dat hij haar vla opat. Daarvoor kreeg hij dan twintig gulden. Een oude kale man die luiers voor volwassenen nodig had wilde dat de 'ik' zou wachten totdat de twee vogels in een kooi zouden gaan zingen. Er was ook, de oude mevrouw Cohn die de 'ik' steeds een kwartje gaf dat hij vervolgens in het blauwe busje van het Joods Nationaal Fonds moest storten. De apotheker vond dat de 'ik' te langzaam bezorgde en toen hij op een keer al zijn wisselgeld gebruikt had om te bellen met Rosie die hij sinds zijn reis naar Israël niet meer gezien had, werd hij ontslagen. Zijn moeder barstte in woede uit toen zij van het ontslag hoorde. Er sneuvelde weer servies. Vader nam het allemaal laconiek op, maar die had dan ook al anderhalve fles wijn op en ook heel wat borreltjes.

APOLLOHOTEL (Blz 46 t/m 50)
Elke maandag spraken Rosie en de 'ik' om zeven uur af in de bar van het Apollohotel. Op een van die avonden heeft Rosie verteld van de natuurkundeleraar meneer Eisenring. Rosie had met hem een nummer gezongen tijdens het cafe-chantant dat ieder jaar op het Vossius werd georganiseerd. Een paar maal had hij haar mee uit eten genomen en in de auto gekust. Zij was ook bij hem thuis geweest. Dat had niet lang geduurd want hij was bang geweest dat 'het' uit de hand zou lopen. Na de uitvoering was Rosie voor meneer Eisenring weer een anonieme leerling geworden. De 'ik' heeft niet zulke spannende verhalen. Hij weet te vertellen dat Thomas tijdens de gymles altijd zijn puisten uitkneep. Rosie heeft wat geld verdiend in een ijsbar in de Van Woustraat. Ze besloten het geld te gebruiken voor een buitenlandse reis. Eigenlijk zou het reisdoel een verre stad moeten zijn, maar het geld is slechts toereikend voor Antwerpen.

ANTWERPEN (Blz 51 t/m 61)
De bar mitswa van de 'ik' was goed verlopen. Weliswaar had hij nauwelijks Hebreeuws geleerd, maar hij wist nu wel hoe je iemand echt kon haten, namelijk mevrouw Mohnstein die geprobeerd had hem Hebreeuws bij te brengen. Vader was erg nerveus geweest voor de plechtigheid. Hij had meer gedronken dan ooit. 'Mijn vader had de dag voor mijn bar mitswa nauwelijks geslapen en hij zag er in de synagoge uit zoals prins Claus, alleen dan nog veel erger.' (Blz. 52) De dag na Grote Verzoendag zou de 'ik' met Rosie naar Antwerpen vertrekken. Hij vertelde het zijn moeder die daarop prompt de pan met haringsalade die altijd op Grote Verzoendag werd gegeten, weggooide. Vader had sinds de bar mitswa de gewoonte ontwikkeld zich regelmatig in de badkamer op te sluiten. Vlak voor middernacht kwam hij er uit en bekeek de foto van Rosie. Hij stelde vast dat het een mooie meid was, dat de 'ik' niet haar eerste vriendje was en ook niet haar laatste vriendje zou zijn. Voor het vertrek naar Antwerpen bezocht de 'ik' de moeder van Rosie. Die vond het wel eng dat twee kinderen van vijftien jaar samen naar het buitenland gingen. In Antwerpen was het niet gemakkelijk om een hotel te vinden. Alles was vol. Uiteindelijk vonden ze een dure kamer met gaten in de gordijnen en het tapijt. Rosie stond erop de bedden te verplaatsen wat nogal veel voeten in aarde had. Na een avond vol verveling en slechte pizza's, vielen ze uiteindelijk in elkaars armen in slaap. De 'ik' ging de volgende morgen als eerste onder de douche, ondanks protesten van Rosie. De volgende dag werd voor een groot deel in de tram doorgebracht, want het regende en Rosie had geen zin in een museum. Later gingen ze schuilen in een 'gambling-hol' en mosselen eten in een chique restaurant. Rosie wilde een liveshow zien, maar die was niet te vinden zodat ze maar weer teruggingen naar het hotel. De 'ik' ging de volgende dag alweer als eerste onder de douche. Het kon hen nu niets meer schelen dat het behang, het plafond en de deur flink nat werden. Ze zouden toch niet meer terug komen op deze kamer.
ONDER DE DENNEBOOM (Blz 62 t/m 67)
De weken daarna zag de 'ik' Rosie bijna alleen in café 't Lusthof. Daar bracht de 'ik' een groot deed van de dag door want hij spijbelde vrijwel permanent. Zijn lerares Nederlands, mevrouw Haaseveld, maakte zich zorgen over hem en vroeg hem of zijn ouders al wisten dat zijn kerstrapport een ramp zou worden. Het kon hem allemaal niets schelen. Hij wist maar een paar dingen zeker: hij zou met Rosie trouwen, een kind krijgen en in Berlijn gaan wonen. Maar later had hij zoveel andere dingen ook zeker geweten, bijvoorbeeld dat hij dood wilde. Rosie zou bij de 'ik' thuis langskomen, maar moeder was nog niet vertrokken en Rosie zou wachten in de achtertuin onder de dennenboom. Toen hij haar eindelijk kon binnenlaten, was ze verkleumd. De derde maal dat Rosie zo lang moest wachten, was ze weggegaan omdat ze dacht dat haar voeten zouden bevriezen.


4320 MINUTEN (Blz 68 t/m 72)

Op initiatief van Rosie sprak het tweetal af dat ze op zaterdag 22 november zouden neuken. Dat was vijf dagen later. De afspraak werd gemaakt in een van de diepe portieken aan de Apollolaan. Voordat de zaterdag aanbrak, telden ze regelmatig de minuten die nog moesten verstrijken. Op school werd de situatie er niet beter op. De 'ik' had een paar bladzijden uit het klassenboek verwijderd en nooit vermoed dat men nu een schoolpsycholoog zou inschakelen. Voor straf moest hij twee weken bladeren prikken. Ze waren goed in het verzinnen van dat soort karweitjes op het Vossius. Al een tijdje waren Rosie en de 'ik' bezig met het verkopen van hun schoolboeken om aan geld te komen. De afschuwelijkste, Getal en Ruimte en Chemie in theorie en praktijk waren het eerst aan de beurt geweest. Nu waren de boeken op. Ze verwierpen het idee om boeken uit de tas van medeleerlingen te stelen en te verkopen. Ik zag al twintig schoolpsychologen op een rij zitten. Artsen zonder grenzen zouden ze op me af sturen, als het moest. Om me helemaal gek te maken.' (blz. 71)

NEUKEN (Blz 73 t/m 86)
Ze hadden afgesproken bij De Rode Leeuw, een plek waar ze elkaar nog nooit eerder hadden ontmoet en nooit meer zouden ontmoeten. Die ochtend was de 'ik' nog met zijn moeder meegegaan naar de synagoge. Hij had zijn haar rood geverfd, waarvoor zijn moeder zich verschrikkelijk schaamde. Toch had ze liever dat hij met geverfd haar meekwam, dan helemaal niet. Op zaterdagmiddag kwam mevrouw Weinbaum, een vriendin van moeder, altijd langs. Ze sprak over niets anders dan ziektes, haar ziektes. Een paar jaar later zou ze net zolang aandringen bij het AMC tot ze werd opgenomen, op de psychiatrische afdeling wel te verstaan. Die middag wilde moeder ook een verhaal kwijt. Ze vertelde dat ze vroeger niet oud en lelijk was geweest. Ze was zo mooi dat ze allemaal achter haar aan liepen. Zelfs in Birkenau was ze de mooiste gebleven. Ze werd daar bijna nooit geslagen. 'Ze gooiden worst naar me toe, omdat ik zo mooi was. Hele dikke plakken.' (Blz. 78) De 'ik' zocht zijn mooiste broek uit. Dat was wel de broek die hij al veertien dagen aan had. Rosie verscheen in een nieuwe jurk die zij die middag had gekocht. Ze dronken en maakten samen een goor stripverhaal. Daarna gingen ze naar een disco. Daar had de 'ik' eigenlijk een hekel aan, maar op deze dag kon hij Rosie niets weigeren. Uiteindelijk kwamen ze in een nachtcafé terecht waar ze behoorlijk dronken werden van de cocktails. De wandeling naar het huis van Rosie was dan ook zeer moeizaam. De trappen op leek bijna een onmogelijke opgave. Rosie plaste in haar broek en de 'ik' gaf over. Op de kamer van Rosie bekende de 'ik' dat hij geen condooms had; de automaten waren leeg geweest, of stuk. Nadat ze geneukt hadden ging Rosie zich met zout water spoelen en stond de 'ik' voor het raam naar het plein te kijken.

EVEN SHOAH KIJKEN (Blz 87 t/m 94)
De moeder van de 'ik' was verschrikkelijk ongerust geweest over zijn wegblijven. De 'ik' realiseerde zich dat het nu 23 november was en dat alles nu anders moest zijn. Bovendien was zijn vader enkele dagen later jarig. Ze brachten die dag door met gasten en toen die allemaal weg waren, serveerde moeder, zoals elk jaar, rundertong. Op school werd naar de film Shoah gekeken. De 'ik' hoefde daar niet bij te zijn van zijn geschiedenisleraar. Hij greep de kans aan om nooit meer bij geschiedenis te verschijnen. Het kerstrapport was inmiddels gearriveerd en had voor de nodige commotie gezorgd. Toch gaf de school hem nog een kans tot mei. Maar in die maand hebben ze hem toch van school geschopt. Hij had het te bont gemaakt door een alternatief schoolblaadje uit te brengen. Zelfs leraren hadden het gekocht, maar volgens de rector stonden er obsceniteiten in. Vlak daarna had hij ook gerommeld met de koffiemachine en was door de conciërge betrapt. De 'ik' liep naar huis en dacht aan Rosie, wat ze wel en niet gedaan hadden. Hij had nogal wat jonge jenever op en daarvan raakte hij aan de 'kiadderadatsch'.

WALK LIKE AN EGYPTIAN (Blz 95 t/m 122)
De 'ik' bevond zich met zijn vader in een van de cafe’s bij de Beethovenstraat. Vader zat in een rolstoel. Af en toe viel hij daaruit en dan moest hij weer overeind geholpen worden. De lange haren van vader waren voor zijn ogen gegleden en zijn bovengebit zat, zoals gewoonlijk niet goed. Vader dronk nog steeds. De 'ik' bestelde regelmatig een biertje voor hem, hoewel de barman hem waarschuwde dat dat niet verstandig was. Vader kon...


[ Log in of registreer gratis om dit hele document te bekijken ]





Reacties
[post reply]

Nog geen opmerkingen of toevoegingen op dit document geplaatst.
Wil jij een bericht plaatsen dan kan dat door op "post message" te klikken.



Laatst bekeken...
16:44  Bouwkunde : voor het hoger technisch on...
16:44  De multiculturele samenleving in de tij...
16:44  Euthanasiewet
16:44  Hoofdstuk 1
16:44  De grot van Krabbe, Tim
16:43  De kwetsuur tien verhalen van Enquist, ...
16:43  Boys from Brasil van Levin, Ira
16:43  Onder ijsbergen van Bernlef, J.
16:43  Het verrotte leven van Floortje Bloem v...
16:44  Mens en werk
16:43  Kunstgeschiedenis examen
16:43  De verloren wereld van Crichton, Michael
16:43  Management en organisatie
16:43  Blauwe plekken van Vries, Anke de
16:43  Kapt'n ketchup dreht ein ding


Van Arnon Grunberg
Blauwe maandagen (16)
Figuranten (5)
De heilige Antonio (6)
Rattewit (1)

Meer van deze titel
1. Blauwe maandagen - Grunberg, Arnon
2. Blauwe maandagen - Grunberg, Arnon
3. Blauwe maandagen - Grunberg, Arnon
4. Blauwe maandagen - Grunberg, Arnon
5. Blauwe maandagen - Grunberg, Arnon
6. Blauwe maandagen - Grunberg, Arnon
7. Blauwe maandagen - Grunberg, Arnon
8. Blauwe maandagen - Grunberg, Arnon
9. Blauwe maandagen - Grunberg, Arnon
10. Blauwe Maandagen - Grunberg, Arnon
11. Blauwe maandagen - Grunberg, Arnon
12. Blauwe maandagen - Grunberg, Arnon
13. Blauwe maandagen - Grunberg, Arnon
14. Blauwe maandagen - Grunberg, Arnon
15. Blauwe Maandagen - Grunberg, Arnon

Forum Scholierennet.com
HI Friends I have joined today
Hulp aub!! :(
ASM - op de rekenmachine assebler
TMF zoekt..
Onderzoek taal- en spraaktechnologie
Goede blog
Zeer informatief
Somber, angstig aan het piekeren of in een dip?
Economische vragen
BBp gegevens.